Home

00569A.JPG

Tentoonstelling Arnhemsche Faience in Purmerends Museum

De afgelopen decennia heeft de Arnhemse verzamelaar Benno Steenaert een collectie Arnhemsche Faience aangelegd die een compleet beeld biedt van wat de fabriek ooit aan modellen en decors gemaakt heeft. Een representatief overzicht van de gehele productie is onlangs geschonken aan de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Na de overzichtstentoonstelling in Arnhem, toont het Purmerends Museum vanaf 20 februari tot en met 29 juli 2018 een keuze uit deze prachtige collectie in samenhang met de eerste jaren van de Purmerendse plateelbakkerij 'Purmerend' van Jb. Vet & Co (1903-1906).

De Arnhemsche Fayencefabriek
Van 1907 tot 1934 stond in Arnhem de Arnhemsche Fayencefabriek, opgericht door de gebroeders Vet nadat hun plateelbakkerij Jb Vet & Co in Purmerend was afgebrand. Kenmerkend, voor zowel Purmerend als Arnhem is het aardewerk met een roomkleurige ondergrond, sierlijk beschilderd met floraal lineaire decors en voorzien van een mat glazuur. Er werden ook stukken gemaakt met een donkere ondergrond en glanzend glazuur. De fabriek maakte zowel sieraardewerk - waaronder vazen, jardinières en wandborden - als gebruiksaardewerk zoals serviezen, likeurstellen, inktstellen en kandelaars. Begin jaren twintig floreerde de fabriek en moest meerdere malen uitbreiden, maar tijdens de crisisperiode in de jaren dertig werd de productie van het handgeschilderde aardewerk te duur en ging men over op de productie van aardewerk met stroomglazuur in diverse kleuren. In 1934 leidde de crisis uiteindelijk tot sluiting van de fabriek.

 

Purmerends Museum
Kaasmarkt 20
1441 BG Purmerend
0299-472718
website Purmerends Museum

 

Lees meer

Duvivier Bookcover.jpg

New publication on the 18th-century ceramics decorator Fidelle Duvivier

In the Footsteps of Fidelle Duvivier. A career summary with new discoveries of his work for the Sceaux manufactory in France plus a pictorial Appendix illustrating some of his decoration done in England and the Netherlands. Today, Duvivier’s name and decorative work are still virtually unknown on the Continent, owing to the fact that his career has received little attention outside of England.

 

This book offers the latest research findings and provides a new chapter to his story, which is why it will be of interest to collectors, museums and auction houses in Britain, France, and the Netherlands, as well as elsewhere in Europe and the United States. In addition, it presents the essential history of the 18th-century French manufactory at Sceaux, one that has been sorely neglected in ceramic literature.

 

After studying Duvivier’s activity in England, and having subsequently traced his career backwards in time, searching for his work in the Netherlands (at Loosdrecht and for The Hague), the author next concentrated her research efforts in France, where she was able to identify a diverse array of examples showing Duvivier’s decoration on both faience and porcelain (Sceaux and Mennecy).

 

Stylistically speaking, it was not difficult to recognize how Duvivier’s charming Dutch landscapes influenced his later work for New Hall and other English manufactories. But it was surprising to see how his earlier work for Sceaux, embodying the pleasing French tastes of the period, even carried over to his first English decorations, and confirmed the suspicion that he had worked at Sceaux – not once, but twice.

 

In addition to the richly illustrated main section of this publication, there are three appendices:

 

Appendix A contains a broad selection of photographs of Fidelle Duvivier’s work done in England, France, and the Netherlands. These are compared and discussed by category. This section should be a valuable aid in future attribution work.

 

Appendix B contains new genealogical findings (a Duvivier family chart, and details of his first daughter’s birth and baptism in Sceaux).

 

Appendix C includes historical descriptions of the various manufactories and decorating establishments where Duvivier was employed (Tournai, Derby, James Giles’s London atelier, Loosdrecht, The Hague, New Hall). These summaries should be helpful to readers in other countries for whom these names might be unfamiliar. A bibliography is also included.

 

In the Footsteps of Fidelle Duvivier
by Charlotte Jacob-Hanson
Format: Soft cover, 8 ½ by 11 inches, 108 pages, 125 illustrations
Available from the author at her website:

www.chjacob-hanson.com

 

 

 

Lees meer

 

Betty Woodman.jpg

In memoriam Betty Woodman (1930-2018)

 Begin dit jaar overleed de Amerikaanse keramist Betty Woodman. Met haar expressief beschilderde keramiek veroverde zij vanaf de jaren zestig de kunstwereld. Grote formaten en vrolijke kleuren kenmerken haar stijl. In 2006 had Woodman als eerste levende vrouwelijk kunstenaar een overzichtstentoonstelling in het Metropolitan Museum of Art in New York. Ondanks haar hoge leeftijd was zij nog altijd actief als kunstenaar.

 

Momenteel is werk van Betty Woodman te zien in de collectieopstelling Stedelijk BASE in het Stedelijk Museum Amsterdam. Voor meer informatie over Betty Woodman, lees het in memoriam van het Stedelijk en het persoonlijke relaas (in Engels) van keramiekspecialist Garth Clark

Lees meer

black and white.jpg

 “Black & White”- keramische kunst in zwart en wit

Keramiek kan op heel veel manieren kleurrijk gemaakt worden. Sommige kunstenaars kiezen echter bewust voor het weglaten van kleur. Resultaat is geen overzicht van uitersten of tegenstellingen. De keramische werken in deze expositie tonen het pure materiaal, met sobere decoraties, vrij van franje of frivoliteiten. Het resultaat is sober, strak, verstild, grafisch en poëtisch werk. Ontdek de schoonheid van dit ingetogen palet van kunstenaars uit heel Europa. Het is adembenemend als een maagdelijk sneeuwlandschap. Even ontsnappen uit het hectische leven van alle dag kan door deze serene zwart-witte wereld te bezoeken. De nieuwe expositie is van 19 januari 2018 t/m 8 april 2018 in Keramiekcentrum Tiendschuur Tegelen te zien. 

 

Wim Borst (NL) heeft zich in een carrière van ruim 40 jaar gespecialiseerd in strakke ingetogen geometrische vormen. Hij bouwt deze op met platen en werkt ze met een ongeëvenaard perfectionisme af. De rechthoek is meestal het uitgangspunt voor zijn steengoed objecten. Vervolgens speelt hij met de oorspronkelijke vorm, door deze te versnijden en de elementen weer samen te stellen tot een nieuwe vorm. Tot slot brengt hij op zijn overheersend zwarte en grijze vormen hier en daar een accent aan met wit.

 

Brigitte Marionneau (F) maakt ook sculpturen die geënt zijn op geometrische vormen, toch zijn haar vormen zachter en ronder. Ze lijken uit steen gehouwen. Ze heeft haar werk gepolijst, wat de associatie met natuursteen vergroot en tegelijkertijd haar werk minder hard en meer aaibaar maakt.

 

De objecten van Karin Bablok (D) zijn al even perfect geschapen als het werk van Wim Borst. Zij vormt haar porseleinen container- en vaasvormen aan de draaischijf. Daarna werkt ze deze zo nauwkeurig af, dat er geen vingerafdruk meer te vinden is, op haar signering na. Met zwarte engobe decoreert ze haar werk. Hiervoor kiest ze twee varianten. Strakke zwarte lijnen die eerder geprint lijken dan geschilderd. De tweede variant zijn expressieve spetters en penseelstreken die energiek maar toch gecontroleerd op haar werk zijn aangebracht.

 

Monika Debus (D) maakt minder ingetogen werk. Zij brak internationaal door met haar krachtige schilderingen op de platte kleiplaten waarmee ze haar objecten vormde. Tegenwoordig bouwt ze haar sculpturen eerst met de hand op om ze vervolgens met een veel verfijnder lijnenspel in zwart en grijs te decoreren. De patronen ‘wandelen’ over haar organische sculpturen en lijken het geheel tot leven te wekken.

 

Ook de sculpturen van Ursula Commandeur (D) lijken te kunnen bewegen. Deze worden opgebouwd uit kleine keramische elementjes. Ursula monteert deze met draad tot een groter geheel. Haar vormen doen soms denken aan een spijkerbed of een maliënkolder, soms aan een reusachtig insect. Fascinerende kriebels in zwart-wit.

 

Petra Wolf (D) maakt werk dat herinnert aan structuren uit de natuur. Zoals sponzen, botten, boomschors, houtnerven en gebarsten aarde. De weelde die in de natuur te vinden is vertaald in organische zwarte sculpturen afgewerkt met wit.

 

Nathalie Domingo (F) vindt ook inspiratie in plantaardige vormen.  Haar objecten lijken uit de natuur ‘geplukt’ te zijn. Deze zwarte ‘mossen’, ‘paddenstoelen’ of ‘koralen’ werkt ze af met een fascinerend laagje keramische ‘rijp’.

 

Ljubica Jocic Knežević (Servië) maakt organische structuren in het platte vlak. Haar zeer grafische werken, zijn een spel van witte klei slierten in een zwarte ondergrond. Het zou ook een uitsnede van de aarde kunnen zijn, witte wortels van planten die zich een weg zoeken in de aarde. Gehuld in een gouden lijst herinneren ze aan kunsthistorische stromingen zoals het Jugendstil, het symbolisme en de tekeningen van Jan Toorop.

 

Valeria Nascimento (UK) verrast de toeschouwer met indrukwekkende wandinstallaties opgebouwd uit flinterdunne fijne porseleinen zwart-witte elementjes. Een duizelingwekkende hoeveelheid van keramische vormpjes vormen een spectaculair geheel.

 

 

Op onderstaande data zijn kunstenaars persoonlijk aanwezig: 

20 januari- Karin Bablok, geeft uitleg bij haar werk, 14-16u.;  4 maart – Petra Wolf, demonstreert haar technieken, 14-16u.; 11 maart-Ursula Commandeur, demonstreert haar technieken,  14-16u.

 

Keramiekcentrum Tiendschuur Tegelen, Openingstijden:  di t/m zo 11.00u-17.00 uur. 

Kasteellaan 8, 5932 AG Tegelen (Venlo), www.tiendschuur.net, info@tiendschuur.net

Lees meer

Olivier van Herpt.jpg

Gemeentemuseum Den Haag primeur: geprint porselein van Olivier van Herpt

Het Gemeentemuseum bezit een aantal Delftse tulpenvazen uit de zeventiende eeuw die zijn opgebouwd uit diverse gestapelde onderdelen. Soms gaat het om een enkel onderdeel dat bewaard is gebleven. In opdracht van het museum heeft ontwerper Olivier van Herpt (1989) een ‘verweesd’ basement van een Delfts blauwe bloemenpiramide een nieuw aanzien gegeven. Het gestapelde ontwerp is laag voor laag opgebouwd met een door hemzelf ontwikkelde 3D-printer. Met deze nieuwe aanwinst heeft het museum een porseleinen primeur in huis. 

 

De titel van het werk, Arcanum, verwijst naar het geheime fabricageprocedé van het gewilde Chinese porselein dat men in het zeventiende-eeuwse Europa koortsachtig probeerde te achterhalen. Bij gebrek aan porseleinklei, kaolien, wist men in Delft met tinglazuren aardewerk te produceren dat in verschijningsvorm porselein het beste imiteerde. Eeuwen later kan het ontwerpproces van Van Herpt ook gezien worden als een zoektocht naar het arcanum. 

 

Uniek vervaardigingsproces
De ontwerper-pottenbakker-uitvinder ontwikkelde tijdens zijn afstuderen aan de Design Academy Eindhoven een 3D-printer voor het printen van aardewerk. Laag voor laag kan hij hiermee de meest uiteenlopende vormen produceren. Bovendien staat het nieuwe digitale ontwerpprocedé het toe uniforme elementen naar wens te vergroten of te verkleinen. Dit maakt het bij uitstek geschikt voor het ontwerpen van een gestapelde bloemenpiramide. Als knipoog naar het arcanum experimenteerde Van Herpt speciaal voor het Gemeentemuseum voor het eerst met het printen van porselein. Dit bemoeilijkte het procedé omdat het materiaal tijdens het drogen en bakken flink krimpt en porselein op een hoge temperatuur moet worden afgebakken (circa 1300 oC). Aansluitend bij het basement koos hij er bovendien voor kobalt te gebruiken, het pigment dat Delfts aardewerk en Chinees porselein hun karakteristieke blauw-witte kleurstelling geeft. Een nieuwe oven en talloze vorm- en kleurproeven verder is het ideale vervaardigingsproces doorgrond. Wat in Europa uiteindelijk pas in de achttiende eeuw lukte – het vervaardigen van porselein – tilt Van Herpt met zijn procedé weer naar een hoger niveau. 

 

Tulpenvazenproject
De aanwinst van Olivier van Herpt markeert een nieuw hoofdstuk in het tulpenvazen project dat het museum in 2007 is gestart. Eerder hebben Ineke Hans, Wieki Somers en Jurgen Bey onderdelen van voorheen meerdelige Delfts blauwe vazen bekroond met aanvullingen naar eigen ontwerp. Arcanum is nu te zien in het Gemeentemuseum Den Haag.

 

Lees meer

art nouveau opgegraven.jpg

Ontwerpen Art Nouveau aardewerk gevonden op fabrieksterrein Utrecht

Tijdens archeologisch onderzoek aan de Vaartsche Rijn in Utrecht zijn unieke ontwerpen gevonden van prachtig art nouveau aardewerk dat tussen 1884 en 1905 werd gemaakt in de Faience- en Tegelfabriek 'Holland'. Daaronder bevinden zich serviesontwerpen van architect H.P. Berlage en meubelontwerper Jac. van den Bosch. De ontwerpen geven een prachtig kijkje in de keuken van een van de interessantste aardewerkfabrieken uit de art nouveau-periode in Nederland. Het archeologisch onderzoek werd in september 2017 verricht door RAAP in opdracht van GTZ Investment.

 

Biscuit
De ontwerpen werden gevonden door archeologen van RAAP in een kuil met ongeveer 5.000 nog ongeglazuurde scherven (‘biscuit’) van vazen, schalen, borden en ander serviesgoed. De ontwerpen bestaan uit gestileerde bloemen, soms gecombineerd met insecten en vogels. Daarbij gaat het zowel om geschilderde ontwerpen als om schetsen en tekens in potlood. Het is een unieke verzameling die een beeld geeft van hoe de wereldberoemde ontwerpen van de serviezen, die tegenwoordig in nationale en internationale musea te vinden zijn, tot stand kwamen. "Deze vondsten vormen een mooie aanwinst voor het cultureel erfgoed van onze stad", zegt de Utrechtse wethouder Kees Geldof (Erfgoed). "Ze zullen leiden tot verder en diepgaand onderzoek naar de collectie en het proces van het ontwerp."

 

Verder onderzoek
De bijzondere vondst roept ook nog veel vragen op. Want waarom is deze collectie ooit begraven en waarom is alles kapot? Ook is nog niet geheel duidelijk om welke ontwerpstadia het gaat. Om mogelijke antwoorden op deze vragen te kunnen krijgen, zal het gevonden serviesgoed verder worden onderzocht en zoveel mogelijk worden gereconstrueerd. Dat zal de komende tijd gebeuren in de ArcheoHotspot in Utrecht, die voor bezoekers van Castellum Hoge Woerd vrij te bezoeken is. 

 

ArcheoHotspot
De openingstijden van de ArcheoHotspot in Castellum Hoge Woerd in De Meern zijn: elke woensdag, vrijdag, zaterdag en zondag van 12:00 tot 16:00. Hogewoerdplein 1 3454 PB Utrecht.

 

Lees meer

Nineveh.jpg

RMO: Along the Road to Nineveh

De monumentale schilderijen en keramische objecten van de internationaal gerenommeerde kunstenaar Qassim Alsaedy (Bagdad, 1949) ademen in alles geschiedenis. Voor deze expositie liet hij zich inspireren door het oude Nabije Oosten en de ruïnes van Nineveh, ooit de hoofdstad van het Assyrische rijk. Alsaedy exposeert in Along the Road to Nineveh bestaand en nieuw werk, in totaal 22 schilderijen en keramiek-werken. De schilderijen en objecten van Qassim Alsaedy vindt u in de entreehal van het museum, in de ruimte achter en naast de Egyptische tempel.

 

Vierkant met reliëf

Bijna al het werk van Alsaedy is vierkant, een vorm die verwijst naar de duizenden jaren oude plaquettes die in Iraakse tempels zijn gevonden. Op deze vierkante plaquettes staan afbeeldingen in reliëf. Alseady maakt ook veel gebruik van reliëf in zijn werk. Met verf schildert hij de tekens op een paneel, laagje voor laagje. Na vele lagen oogt het alsof de tekens uit een mal gerold zijn. Zijn werk is altijd tactiel en driedimensionaal.

 

Qassim Alsaedy

Qassim Alsaedy woont sinds 1994 in Nederland. Als student aan de kunstacademie bezocht hij de ruïnes van de antieke stad Nineveh, die hem later zouden blijven inspireren. Onder het regime van Saddam Hussein zat hij negen maanden vast als politieke gevangene. In de jaren 80 ontvluchte hij Irak, waarna hij via omzwervingen in Europa terecht kwam. Tijd is een kenmerkend element in zijn werk, evenals zijn streven naar 'absolute schoonheid', om tegenwicht te bieden tegen oorlog en de lelijkheid die dat voortbrengt. De architecturale vormen van zijn keramische werk, waarin de vormentaal en kleuren van het oude Nabije Oosten weerklinken, creëerde hij samen met de Duitse keramiste Brigitte Reuter (1945).

 

Zie voor meer informatie: website RMO.

Lees meer

 

hollants_pors.jpg

Gezocht: verzamelaars en hun favoriete voorwerp

Is het de vorm, of is het de specifieke kleur van het materiaal? Of wordt u geraakt door het verhaal achter een bepaald voorwerp van keramiek of glas? Soms bent u als liefhebber op slag verliefd op een voorwerp. Van de ontdekking tot de aankoop, het voorwerp blijft intrigeren en het bezitten en bestuderen ervan geeft vaak veel voldoening.

Ter gelegenheid van het 65-jarig jubileum van onze vereniging laten we in 2018 graag de leden aan het woord over hun favoriete voorwerp. Wij nodigen u van harte uit om een van uw lievelingsvoorwerpen met de lezers te delen. Dat kan in de vorm van een beschrijving van circa 200 tot 250 woorden. U kunt zowel het voorwerp als uw fascinatie, de geschiedenis of het verhaal erachter beschrijven. Samen met een fraaie foto van uw voorwerp (minimaal 1 MB) stuurt u de tekst per mail naar: redactiesecretariaat@vormenuitvuur.nl. In elk nummer worden diverse voorwerpen opgenomen. Wij zien uw bijdrage graag tegemoet!

 

In het huidige nummer vind u alvast een voorproefje van enkele van onze bestuursleden.
Namens de jubileumcommissie en de redactie,

 

Erik Weber

 

Lees meer

thumbnail_Matthieu van der Giessen-mijnpotten2%5b1%5d.jpg

“Liefkozingen met penseel” 

Mathieu van der Giessen demonstreert slibschilderen in de Tiendschuur

 

Mathieu van der Giesen verzorgt een demonstratie slib schilderen, zondag 17 december tussen 14 en 16u. in Keramiekcentrum Tiendschuur Tegelen. Hij is een gepassioneerd ambachtsman met een grote liefde voor het materiaal. Hij doceert het vak op de enige keramiekopleiding in ons land. Zijn vaardigheden in het  hanteren van draaischijf en penseel zijn in binnen en buitenland beroemd. Mathieu exposeert momenteel zijn werk in het museum. Hij maakt onderdeel uit van de groepsexpositie: “Kleischilders”. Deze is nog te zien tot en met 14 januari.

 

Mathieu van der Giessen (1952, Schiedam) is opgeleid als tekenleraar, maar besluit pottenbakker te worden in 1972. Hierin is hij voornamelijk autodidact. Hij leert veel van boeken, keramiek in de musea en collega pottenbakkers. In 1976 opent hij een eigen pottenbakkerij in Schiedam. Naast zijn eigen werkplaats werkt hij 20 jaar lang één of meerdere dagen als productie pottenbakker, de beste manier om het pottenbakken onder de knie te krijgen. In die jaren heeft hij ongeveer 200.000 potten gedraaid. Sinds 2002 is hij als docent verbonden aan de keramiekafdeling van de Stichting Bevordering Beroepsopleidingen (SBB) in Gouda. Hij exposeert zijn werk regelmatig en neemt deel aan veel keramiekmarkten. Daarnaast verzorgt hij regelmatig gastlessen. Over zijn werk zegt hij: “Ik wil mooie gebruiksvoorwerpen maken! Een handgemaakt kommetje onderscheidt zich van een fabriekspot, het vertelt de gebruiker het verhaal van de maker, z'n ideeën, z'n gedachten, z'n stemmingen. Het laat de hand van de maker zien. Het is waarschijnlijk daarom, dat veel pottenbakkers voor hun dagelijks gebruik ook potten van collega's gebruiken; hun eigen verhaal kennen ze, het is boeiend om ook dat van een ander te horen.”

 

Mathieu van der Giessen is een van de kunstenaars die deelnemen aan de expositie: “Kleischilders”-Hedendaagse slibgedecoreerde keramiek die momenteel in de Tiendschuur te zien is. Decoreren met kleislib is een techniek die eeuwenoud is, komt in veel keramiekplaatsen ter wereld voor en is en nog altijd geliefd. Deze expositie toont werk van hedendaagse slibschilders. Deze moderne ambachtsmensen uit heel Europa zijn kunstenaars met klei en slib. Ze beschilderen hun handgevormd werk met een papje van klei al dan niet ingekleurd met kleurpigmenten of oxides. Soms afgewerkt met een glanzend laagje transparant glazuur, soms blijft bewust de ruwe klei zichtbaar. Hun warme gebruiksgoed is de kroon op de gedekte tafel. De autonome objecten zijn imposant en een lust voor het oog.

 

Zoveel schilders zoveel stijlen. Het werk dat in deze expositie te zien is loopt uiteen van klassiek ogend zeer minutieus beschilderd werk tot de expressieve werken waar je de klei slib bijna letterlijk om de oren vliegt. De deelnemende kunstenaars: Dylan Bowen (GB), Patia Davis (GB), Francoise Dufayard (FA), John Higgins (GB), Niek Hoogland (NL), Michel Gardelle (FA), Mathieu van der Giessen (NL), Grita Götze (DE), Nigel Lambert (GB), John Pollex(GB), Peder Rasmussen(DK), Elke Sada (DE).

 

De expositie is nog te zien tot en met 14 januari 2018. 

Keramiekcentrum Tiendschuur Tegelen 
Openingstijden:  dinsdag tot en met  zondag 11.00 uur - 7.00 uur.
Kasteellaan 8, 5932 AG Tegelen (Venlo)
 www.tiendschuur.net

 

Lees meer

omslag karelse goudse plastieken 2 (416 x 600).jpg

Goudse Plastieken deel 2 - Johan Karelse

 

Onlangs verscheen deel 2 van het in 2011 verschenen Goudse Plastieken.

Na het verschijnen van ‘deel 1’ ontving de auteur van andere verzamelaars talrijke nieuwe gegevens, zoals voorraadlijsten, calculatielijsten, balansen en correspondentie van ontwerpers aan fabrikanten, etc.
De nieuwe informatie is in dit nieuwe deel verwerkt.

 

De bekende twintigste-eeuwse Goudse plastieken, beeldjes in art-decostijl, werden aanvankelijk uitgevoerd in matwit, maar vanaf de jaren twintig werden ook andere kleuren toegepast, zoals ‘Delft Blauw’. Na 1945 werd er veel geëxperimenteerd met nieuwe glazuren, zoals ‘unique metallique’. En in de jaren vijftig en zestig werden talloze modellen opnieuw uitgebracht. Van sommige plastiekjes zijn meer dan twintig verschillende versies bekend. De plastiekjes vormden voor de Goudse industrie een belangrijke inkomstenbron. Belangrijke kunstenaars kregen ontwerpopdrachten, onder wie Chris van der Hoef, Eta Lempke, Johan C. Altorf, Jan Schonk, Bernhard Richters, Tjipke Visser, Hans Mengelberg en Cris Agterberg.

 

Niet alleen plastieken van de grote fabrieken, zoals Plateelbakkerij Zuid-Holland, Flora, Ivora, Goedewaagen, Regina, Zenith, Ed. Antheunis en Schoonhoven zijn in dit boek opgenomen, ook die van de kleinere fabrieken, zoals Bonaparte, De Drietand, De Vries, J. Nuvelstein, De Jong, Sint Lukas, Tiko en Boonekamp komen aan bod.

 

ruim 1.300 afbeeldingen

€ 35,-

ISBN 978-90-5997-253-7

 

https://www.primaverapers.nl/categorie/kunst/toegepaste-kunst/

 

Lees meer

Nu uit: nummer 236

 Cover 236.jpg

Inhoudsopgave nummer 236 (2018/ 1)


Gloeiende Glazuren Chris Lanooy 1881-1948, leerlingen en navolgers
Willem Heijbroek

 

Keizerlijke glasproductie tijdens de Qing-dynastie
Lezing in het Prinsenhof te Delft op 27 mei 2017
Dr. Shelly Xue 薛吕

 

Veelzijdigheid, innovatie en experiment Delftse keramiek uit de art nouveau en nieuwe zakelijkheid 1880-1940
David de Haan en Suzanne Klüver

 

Art Nouveau in Nederland Gemeentemuseum Den Haag
Jan de Bruijn

 

Favoriet Verzamelaars en hun favoriete voorwerp
Peter van Kester, Rob Driessen, Marten van Calcar en Erik Weber

 

I Hong Tan en Helene Kröller-Müller; blanc de Chine in Otterlo
Een interview met I Hong Tan Jan van Campen

 

Het Purmerends Museum verrijkt de collectie en vernieuwt de opstelling
Saskia van den Berg en Sebastiaan Ostkamp

 

Keramiek Triënnale 2018 Hedendaagse figuratie in klei
Piet Augustijn

 

Inhoud/lid worden

© Vormen uit vuur