Nederlandse vereniging van vrienden van ceramiek en glas
nederlandsenglish
 

Song through 21st century eyes

Dit bijzondere boek richt zich op twee belangrijke Chinese ovens en hun producten, het Yaozhou steengoed uit Noord- China en het Qingbai porselein uit het Zuiden, die werden verzameld door de familie van Koo Liong Bing (1907-1992). Het boek dient zowel als een introductie tot deze twee types keramiek die ten tijde van hun productie zeer werden gewaardeerd, als ter ontsluiting van een privéverzameling van grote zeldzaamheid en uitzonderlijke kwaliteit. De auteur, Rose Kerr, is voormalig hoofdconservator van de afdeling Het Verre Oosten van het Victoria & Albert Museum, Londen, en een expert op het gebied van Chinese keramiek. In haar voorwoord legt de auteur onder meer de bijzondere keuze van de paginakleuren uit. Maakt de Song-keramiek in haar kleurgebruik vaak een terughoudende indruk, dit uitbundige kleurenschema is geïnspireerd op de (muur)schilderkunst en het textiel uit die tijd. In het eerste hoofdstuk wordt de geschiedenis van de Song-dynastie (960-1279) beknopt weergegeven. Hier gaat Kerr in op de constante dreiging van invallen vanuit het noorden van oorspronkelijk nomadenvolkeren waaronder de Khitan en de Jurchen, die hun stempel drukten op de betrekkelijke rust tijdens de dynastie.

In het tweede hoofdstuk, ‘Contrasten’ getiteld, worden in drie subhoofdstukken de verschillen besproken van de twee soorten keramiek in uiterlijk en esthetische aantrekkingskracht, in maakproces – scherf en glazuur, ovens en baktechnieken –, en tot slot in verspreidingsgebied en afzetmarkten. Beide soorten hebben hun eigen aantrekkingskracht. Het Yaozhou echter komt op het eerste gezicht over als sober, zelfs streng, en de waardering voor haar subtiele schoonheid kan een groeiproces zijn. Kerr benadrukt dat het vasthouden van een object en het voelen van een glazuur zeker bij het Yaozhou die waardering verdiept. Vele van de getoonde objecten waren in vroeger tijden tenslotte gebruiksvoorwerpen. Het Qingbai porselein heeft een delicate uitstraling, de vormen zijn elegant en de kleuren rechtvaardigen de vergelijking met kostbare materialen als jade of zilver. Het zijn toegankelijke objecten die snel aanspreken.

De auteur slaagt er uitstekend in haar teksten beknopt te houden maar tegelijkertijd alles te zeggen. Het subhoofdstuk over vervaardigingstechnieken is daar een goed voorbeeld van. Hier gaatzij onder meer in op de geografische ligging van de ovens en de geologie ter plaatse. Deze is verantwoordelijk voor het verschil in scherf tussen de twee keramieksoorten. Ook belicht zij de reactie van het Yaozhou glazuur, en het oventype dat een langdurig stookproces noodzakelijk maakte tegenover de veel vlottere productie van het Qingbai. In het laatste subhoofdstuk worden de verschillen in ver- spreidingsgebied besproken. Deze zijn groot: het Yaozhou werd in een beperkt gebied gemaakt, weinig verspreid binnen China, vanwege de complexiteit van de vervaardiging weinig nagemaakt in andere ovens en zelden geëxporteerd. De productie van Qingbai daarentegen was wijd en zijd verspreid vanwege de grote populariteit van het porselein en het makkelijke maakproces, en het werd op grote schaal verhandeld naar Zuidoost-Azië, het Midden-Oosten en Afrika. Dit is af te leiden uit contemporaine teksten, archeologische vondsten en scheepswrakken. In het laatste hoofdstuk, ‘Gebruik’ komen de twee soorten keramiek bij elkaar en zijn er vele overeenkomsten. Dit hoofdstuk is verdeeld in de subhoofdstukken: gebruik door de geleerde, religieus gebruik, gebruik bij de maal- tijd, gebruik in relatie tot schoonheid en slaap, en als grafgift. Veel objecten blijken meerdere functies te hebben gehad. Zij zijn gebruikt in het dagelijks leven, maar ook bij boeddhistische rituelen of als grafgift. De Song-dynastie was bij uitstek de dynastie der geleerden – intellectuelen die zich richtten op de oude geschiedenis van China en zich bezighielden met de studie en het verzamelen van antiquiteiten, met schilderkunst en kalligrafie of gezelschapsspellen onder het genot van thee of alcohol. Veel objecten in de verzameling Koo zijn bedoeld voor gebruik in de vertrekken van de geleerde. Kleine voorwerpen van Qingbai porselein zijn hier in de meerderheid, mogelijk door de associatie met meer kostbare materialen die een hogere status genoten. Religieuze tolerantie was aanzienlijk tijdens de Song- dynastie, waar een veelheid van religies kon worden beoefend. Alle objecten die in het subhoofd- stuk over religieus gebruik aan bod komen zijn echter in vorm of decoratie gerelateerd aan het boeddhisme, dat het meest voorkwam. Veel boeddhisten hadden huisaltaartjes waarin met name het gebruik van het verfijnde Qingbai associaties opriep met de reinheid van de Boeddha. Voor het alledaags gebruik bij het eten en drinken wordt een variëteit aan kommen, kop-en onderschotels, potten en kannen besproken en vaak ook een zilveren voorbeeld getoond. De voorwerpen die werden gebruikt door de vrouw bij haar dagelijkse verzorging bestaan vooral uit cosmeticadoosjes en potjes, wierookbranders en kussens die de vaak bewerkelijke kapsels intact lieten tijdens de slaap.

Uitzonderlijk is de Qingbai- ring die waarschijnlijk nooit is gedragen maar als grafgift was bedoeld. Daarnaast worden objecten die zijn versierd met kleine jongetjes ook bij dit subhoofdstuk betrokken, gerelateerd als zij zijn aan de nooit aflatende druk op de vrouw om zonen voort te brengen. Het meegeven van voor- werpen in graven was in voorafgaande dynastieën gebruikelijker dan tijdens de Song-dynastie, ondanks dat het construeren van graftombes toen niet meer uitslui- tend voorbehouden was aan de aristocratie. Sommige objecten in de verzameling, zoals het kleine figuurtje van een godheid en een model van een graanschuur die in de categorie ‘grafgift’ vallen, zijn dan ook zeldzaam. Na dit hoofdstuk volgen gedetail- leerde foto’s van de onderkant van alle objecten, helaas nog steeds uitzondering bij publicaties over Aziatische keramiek. Daarop volgen de noten, een bibliografie, een chronologie, een dankwoord en een fotover- antwoording. Hoewel het meest recente onderzoek in de compacte hoofdstukken is verwerkt, is het boek alleen al door zijn visuele impact ook voor de niet-specialist heel aantrekkelijk. De foto’s van de voorwerpen zijn alle gelithografeerd en afgedrukt op katoenpapier. De matte achtergrond doet de details van de glazuren en versieringen juist bij deze types keramiek zeer veel recht. Daarnaast zijn veel afbeeldingen van contemporaine rol- en muur-schilderingen opgenomen waarop diverse voorwerpen en hun gebruik zijn afgebeeld. De talrijke foto’s van het hedendaagse China laten zien hoezeer de keramiek nog steeds deel uitmaakt van het dagelijks leven, en de prachtige foto’s van het plantenrijk tonen dat een rijke bron van inspiratie voor de vormen en motieven overal aanwezig was. Deze opzet maakt de invalshoek van het boek onconventioneel en vernieuwend. Een kleine opmerking betreft het notenapparaat achterin. Het was mijns inziens beter geweest de noten achter de teksten te plaat- sen. Het komt een dergelijk lijvig en bijzonder boek niet ten goede om heen en weer te moeten bla- deren. Ook was het even zoeken naar de paginanummering. Deze opmerkingen doen echter op geen enkele manier af aan de hoge kwaliteit van deze publicatie, die mede door ontwerper Irma Boom, beroemd prijswinnares in de boekontwerperswereld, een kunstwerk mag worden genoemd.

Rose Kerr, Song through 21st century eyes, Yaozhou and Qingbai Ceramics, Meijering Art Books, Dreumel 2009, boekontwerp Irma Boom, in het Engels en Chinees, gebonden en in Chinese zijden omslag, 456 pp., 250 afb. in kleur, ISBN 978-90-79920-01-3, oplage gelimiteerd tot 1000 stuks, € 325,-